De rek bij breuk, elongation at break, wordt gemeten samen met de treksterkte conform ISO 1798. Het is het percentage waarmee het schuimmonster is uitgerekt op het moment van breuk, gemeten ten opzichte van de oorspronkelijke lengte.
Een rek bij breuk van 200 procent betekent dat het monster tot drie keer zijn oorspronkelijke lengte is uitgerekt voordat het brak.
HR-koudschuim van hoge kwaliteit heeft een rek bij breuk van 150 tot 250 procent, afhankelijk van de formulering. Schuim met een hogere vernettingsdichtheid, dat harder is, heeft doorgaans een lagere rek bij breuk. Schuim met een lagere vernettingsdichtheid, dat zachter is, heeft een hogere rek.
In normale slaaptoepassingen wordt koudschuim niet aan uitrekkrachten blootgesteld die de rek bij breuk benaderen. De meting is meer relevant voor technische toepassingen waarbij het schuim aan scheurkrachten blootstaat, of als kwaliteitsindicator voor de elasticiteit van de polymeermatrix.
Een lage rek bij breuk in combinatie met een lage treksterkte is een aanwijzing voor schuim van inferieure kwaliteit: de celstructuur is broos en bezwijkt bij relatief geringe trekbelasting.