Diolen zijn moleculen met twee reactieve hydroxylgroepen die kunnen reageren met isocyanaat. In de polyurethaanreactie fungeren ze als kettingverlengers: ze worden opgenomen in de polymeerbackbone en verlengen de lineaire keten.
Triolen hebben drie reactieve hydroxylgroepen en fungeren zowel als kettingverlengers als als vertakkingspunten. Elke triool creëert een vertakkingspunt in het polymeernetwerk, wat de vernettingsdichtheid verhoogt. Een hogere vernettingsdichtheid geeft een stijver, minder flexibel netwerk met hogere hardheid en lagere rek bij breuk.
Het praktische effect op het schuim: diolen geven een meer elastisch eindproduct met hogere rek; triolen geven een stijver, harder eindproduct met lagere rek. In de meeste koudschuimformules worden combinaties van diolen en triolen gebruikt om de gewenste balans te bereiken tussen hardheid, elasticiteit en SAG-factor.
De keuze voor diolen versus triolen is een formuleparameter die het mechanische karakter van het eindproduct fundamenteel beïnvloedt. Hoge-kwaliteit HR-koudschuim met een goede SAG-factor gebruikt doorgaans een gebalanceerde mix van diolen en triolen, waarbij triolen de hardheid leveren en diolen de elasticiteit bewaren.